Hoe Buffet de markt verslaat en wat wij daarvan kunnen leren.

BuffetWarren Buffett is de rijkste en meest succesvolle belegger aller tijden. Hij behoort tot het selecte groepje van professionele beleggers die over een periode van meer dan 40 jaar de markt heeft verslagen.

Hoe knap is dat? Slechts 1% van de fondsmanagers heeft in de Amerikaanse historie beter gepresteerd dan de markt over een periode van 30 jaar.  Dat is zelfs zo weinig dat het statistisch waarschijnlijk is dat die prestatie te danken is aan geluk. Laten we daar nu even niet van uitgaan.

Wat vindt Buffett zelf?

Buffett haalt hard uit naar ‘veel te dure’ fondsbeheerders, zo kopt een artikel in het Financiële Dagblad.

Miljardair Warren Buffett heeft afgelopen weekend op zijn beroemde jaarlijkse aandeelhoudersvergadering hard uitgehaald naar dure hedgefondsbeheerders en consultants op Wall Street. Wie een goed rendement wil behalen, is veel beter af met een passief indexfonds, zo hield hij zijn gehoor van 40.000 beleggers en fans voor in Omaha, Nebraska.

‘Er zitten veel prominente fondsbeheerders in het publiek, en het merendeel van hen is zijn commissie niet waard’, zei de beleggingsgoeroe tijdens zijn toespraak. Het probleem van overbetaalde fondsbeheerders die beroerd presteren, is des te groter vanwege het leger van consultants en andere tussenpersonen om hen heen, die allemaal een graantje van de verdiensten meepikken.

Buffett zegt feitelijk dat traditioneel actief management geen zin heeft. Hij zegt dat fondsmanagers niet in staat zijn om de winnende aandelen te selecteren.

Dit lijkt een opmerkelijke uitspraak voor iemand de heel zijn leven heeft geprobeerd om actief de beste aandelen te selecteren.

En wat zegt Buffet tegen zijn fans die via hem de heilige graal van beleggen willen ontdekken?

“Probeer niet de markt te verslaan maar koop gewoon de index en houd deze 30 jaar vast.”

Goed advies voor 90% van de beleggers als je het mij vraagt, maar dat terzijde.

Waarom zegt de grootste belegger aller tijden dit? Hij is toch het levende bewijs dat de het mogelijk is om de beurs te verslaan door stock picking??

Hoe Buffet de Markt versloeg.

Laten we eens kijken naar de resultaten van Berkshire Hathaway, het beleggingsfonds van Warren Buffet.

Als we de resultaten vergelijken van zijn begin periode met de 2e helft van zijn carrière dan valt direct op dat de out performance van 2.5% per jaar in de tweede periode sterk lager is dan de 16.65% in de eerste periode. (bron www.ifa.com)

Resultaten Warren Buffet eerste periode

resultaten Warren Buffet tweede periode

Hoe komt dat?

Wetenschappers van AQR Capital hebben de rendementen van Buffet met statistische methoden onderzocht (regressie). Denk aan een soort x-ray waarmee je aan de rendementen kunt zien waarin hij belegd heeft.

Uit de analyse van Buffet’s rendementen blijkt dat de sterke rendementen in de eerste periode vooral te verklaren zijn door het beleggen in kleine ondernemingen en door het beleggen met geleend geld.

Het is bekend dat kleine aandelen hogere rendementen laten zien omdat deze risicovoller zijn. Ook het beleggen met geleend geld zorgt voor een hefboom waardoor rendementen maar ook het risico groter worden.

In de tweede periode is het fonds van Buffet inmiddels zo groot dat hij niet meer in kleine aandelen kan beleggen. Het rendement is daarom ook een stuk lager dan in de eerste periode.

In de tweede periode belegt Buffet vooral in waarde aandelen van hoge kwaliteit. Waarde aandelen zijn goedkope aandelen. Buffet noemt dat dollars kopen voor 80 cent.

Waarde aandelen zijn niet voor niets goedkoop. Waarde aandelen zijn aandelen van bedrijven die geen snelle groei doormaken, saaie bedrijven of bedrijven met een vlekje. Het is dus mogelijk dat je een kat in de zak koopt wanneer je belegt in waarde aandelen, ook wel een value trap genoemd.

Buffet wilde alleen de goedkoopste aandelen van HOGE KWALITEIT. Door te filteren op kwaliteit elimineerde hij bedrijven die een hoge kans op faillissement hadden.

Inmiddels is nu wetenschappelijk bewezen dat WAARDE AANDELEN van hoge KWALITEIT beter presteren uitsluitend Waarde aandelen.

Er is een met terugwerkende kracht synthetische zusterportefeuille van Buffet na te bootsen die hetzelfde koersverloop laat zien als Berkshire Hathaway met andere maar gelijksoortige aandelen.

De rendementen van Buffet zijn dus niet te danken aan zijn vermogen om de beurs te voorspellen maar aan de factoren waaraan zijn portefeuille bloot heeft gestaan.

Ging het altijd goed?

Uit de grafieken blijkt dat Buffet niet elk jaar de beurs versloeg. Er zijn perioden geweest dat zijn methode achterbleef.

Tijdens de Technologie Bubbel in de jaren negentig behaalden de koersen van Technologie aandelen record na record. Het fonds van Buffet ging 25% de min in.

De media schreef hem af als top belegger omdat hij de technologie trend had gemist.

Uiteindelijk knapte de Technologie bubbel, internet aandelen crashten zelfs 90%.

De discipline van Buffet om bij zijn filosofie te blijven werd beloond, hij eindigde als meest succesvolle belegger ter wereld.

 

Is Warren Buffet een genie?

Achteraf is het natuurlijk gemakkelijk verklaren. Nee, Buffet kan niet de beurs voorspellen. Dit verklaart tevens waarom hij beleggers aanraadt om niet actief te  beleggen.

Wat  zijn grootste verdienste is, is het feit dat hij belegde volgens een bewezen systeem en daar niet van afweek. Hij bezweek niet onder de druk om af te wijken van zijn filosofie wanneer het even minder ging.

Waarde aandelen presteren al 80 jaar beter dan gemiddeld. Dat wist Buffet toen hij begon aan zijn carrière en er zijn perioden dat ze minder presteren.

Ja hij is wel een genie omdat hij bijna een halve eeuw geleden al inzag dat het slim was om alleen Waarde aandelen van hoge Kwaliteit te selecteren.

Buffet liep niet achter de kudde aan, hij bleef bij zijn bewezen systeem.

Conclusie:

  • Kies een bewezen beleggingsstrategie. Kies een strategie die bij je past zoals index beleggen of beleggen in Waarde aandelen van hoge kwaliteit.
  • Loop niet achter de kudde aan blijf systematisch bij je filosofie en wijk daar niet vanaf.

Vermogensbeheer vergelijken

Het vinden van een goede vermogensbeheerder of service ligt in uw handen. In dit artikel vindt u alle informatie die u nodig heeft om tot een gedegen keuze te komen.

Vertrouw niet blind in de verhalen van de grote spelers in de beleggingsindustrie. Bij menig Private Bank is het goed misgegaan.

Ik geef u onderstaand de kennis en de handvatten om een goede keuze te maken, die 100% de uwe is op basis van feiten en wetenschappelijk onderzoek.

Het vinden van een geschikte competente en betrouwbare vermogensbeheerder of beleggings service hoeft niet meer zo moeilijk te zijn.

Een vermogensbeheerder, private bank of beleggingsadviseur heeft 2 taken:

  1. Helpen bepalen hoeveel rendement en risico bij u past.
  2. Uw rendement behalen met zo min mogelijk risico.

 

Onderstaande checklist helpt u kiezen:

 

Stap 1. Heeft u veel of weinig hulp nodig bij het bepalen hoeveel rendement en risico bij u past?

 

  • Veel hulp > Overweeg het laten maken van een financieel plan.
  • Weinig hulp > Elke beleggingsadviseur die werkt onder een AFM vergunning kan u in theorie helpen.

 

 

Stap 2. Denkt u dat het mogelijk is om de beurs te verslaan?

 

Als u afwijkt van de markt dan maakt u kans op out performance, met het risico op under performance.

U heeft ruwweg drie opties:

  1. Passief beleggen = volgen van de markt
  2. Traditioneel actief beleggen op basis van voorspellingen
  3. Kwantitatief actief beleggen op basis van historische feiten.

actief of passief mind mapWelke past bij u?

  1. Traditioneel actief beleggen past bij u als u ja antwoord op een van onderstaande vragen:
    • U gelooft dat het mogelijk is om de richting van de beurs te voorspellen?(achtergrondinformatie)
    • Gelooft u dat analisten, economen, fondsmanagers en beleggingsadviseurs consistent correct kunnen voorspellen?
    • Gelooft u dat het mogelijk is om de winnende individuele aandelen en obligaties van morgen te voorspellen?
  2. Kwantitatief actief beleggen (van asset beleggen tot hardcore quant)
    • Asset beleggen: beleggen in subgroepen beleggingen die historisch een gunstigere rendement- risicoverhouding hebben laten zien, die economisch verklaarbaar zijn . (waarde aandelen of kleine aandelen)
    • Simpel Kwantitatief beleggen is asset beleggen met nog een extra filter. Bijvoorbeeld Waarde aandelen die winst maken.  (Economisch verklaarbaar)
    • Complexe geoptimaliseerde kwantitatieve strategieën. (onverklaarbaar, mogelijk gebaseerd op toeval)
  3. Passief beleggen
    • U gelooft bovenstaande niet. (achtergrond informatie)

 

Stap 3 Houd kosten binnen de perken

Elke procent kosten is één procent minder rendement waarvoor weer extra risico moet worden genomen om het goed te maken. Probeer de kosten in totaliteit onder de 2% te houden.

Voorbeeld:

  • Adviseur die 1% vraagt voor het beleggen in beleggingsfondsen die gemiddeld 1.5% kosten is 2.5% aan totale kosten. = KANSLOOS
  • Redelijk =Financieel planner 1% plus kosten indexfondsen of kwantitatieve fondsen 0.6% = 1.6%
  • Goedkoop = Beleggingsadviseur in passief index beleggen 0.5% plus fondskosten 0.5% = 1%

 

Wat elke adviseur behoort te doen ongeacht actief of passief:

Wettelijk is een beleggingsadviseur verplicht te inventariseren hoeveel risico en rendement bij u past.

Vraag uzelf af hoeveel hulp u hierbij nodig heeft. Hoe meer service hoe beter maar daar hangt natuurlijk een prijskaartje aan.

Hoe complexer uw financiële situatie hoe meer hulp u kunt gebruiken. Als u een ervaren belegger bent die al jaren defensief belegt voor extra pensioen dan kan een vragenlijst volstaan. Bent u een ondernemer en wilt u weten wanneer u genoeg geld heeft om te kunnen stoppen met werken, dan kan een financieel planner uitkomst bieden.

Beleggen is tenslotte een middel om een doel te bereiken en geen doel op zich.

Een van de belangrijkste taken van een beleggingsadviseur is om beleggers tegen zichzelf en hun emoties te beschermen, daar hoort een goede risico inventarisatie bij.

market-emotion cycle

Je beleggingsadviseur dient erachter te komen hoeveel rendement je nodig hebt en welk risico je daarbij kan dragen.

 

Dit alles dient natuurlijk op een manier te gebeuren waarbij je je goed voelt, vertrouwen over je financiën hebt en geen stress ervaart.

Als eenmaal bekend is hoeveel rendement u wenst tegen welk risico dan wordt er in de regel door een optimale verhouding van aandelen en obligaties vastgesteld.

asset allocatie

 

Lage kosten

Een goed vermogensbeheerder houdt kosten van uitvoering zo laag mogelijk. Er dient rekening gehouden te worden met alle kosten die je moet maken om eigenaar te worden van de onderliggende waarden die uiteindelijk rendement gaan bezorgen zoals aandelen, obligaties, onroerend goed en eventueel grondstoffen.

Total Cost of Ownership is de som van alle kosten om een onderliggende waarde te bezitten.

Laat alle kosten van persoonlijk vermogensbeheer nooit meer zijn dan:

  • Actief beleggen 2.5%
  • Passief beleggen 1.5%

Vergoeding van adviseur

  • vaste fee 0.5% tot 2%
  • al dan niet in combinatie met performance fee vaak 10%
  • overige kosten

Bank/ broker kosten

  • bewaarloon meestal 0.1%-0.2%
  • transactiekosten van aandelen, obligaties en fondsen. 0.1%-1% per jaar
  • overige kosten (dividenduitkering etc.)

Kosten Product

  • Traditionele actieve beleggingsfondsen gemiddeld 1.5%
  • Kwantitatieve actieve beleggingsfondsen gemiddeld 0.7%
  • Passieve indexfondsen gemiddeld 0.3%

Traditioneel actief beleggen is het duurst omdat daar het meeste werk in zit. Dat is ook een reden dat de rendementen van traditionele actieve fondsen achterblijven.

 

 

 Doe het zelf beleggen?

  • Beleggers die zelf actief beleggen presteren als groep het slechts van allemaal volgens verschillende  onderzoeken.
  • Beleggers die hun vermogen professioneel laten beheren worden beschermd tegen de valkuilen van het beleggen en presteren daardoor beter.
  • De voornaamste taak van een vermogensbeheerder of adviseur is om uw vermogensdoel te vinden, een passende portefeuille te implementeren en vooral, u te behoeden voor foute beslissingen en te ontzorgen zodat u kunt doen waar u goed in bent.
  • De beste optie voor iemand die geen toegang tot professioneel advies heeft is om een index mixfonds te kopen of een lifecyclefonds tegen lage kosten (<1%).

 

Private Banking of onafhankelijk?

  • Vermogensbeheer of advies bij een grootbank of Private Bank  is handig als je daar bankiert als ondernemer of private banking klant. Voor dit gemak betaalt je wel een hoge prijs (2 tot 4 procent plus hogere transactiekosten) bij Private Banks zijn de kosten de hoogste van alle vermogensbeheer diensten.
  • Het verloop van personeel is ook vaak hoger dan bij een klein kantoor van partners, bovendien kan een bankmedewerker niet geheel onafhankelijk werken omdat hij werkt voor de bank en niet voor u.
  • Het beleggingsbeleid bij een grote instelling is vaak zo ingericht dat het zoveel mogelijk winst maakt voor de aandeelhouders en zo min mogelijk kans op claims geeft.
  • Een ‘onafhankelijk’ vermogensbeheerder ontvangt alleen geld van u en niet van andere instellingen, hij dient dus u en niemand anders.
  • Gratis bestaat niet. Achterhaal hoe een dienstverlener zijn geld verdient. (kick-back fee beleggingsfondsen, fee van vermogensbeheerder etc.)

De beste vermogensbeheerder laten selecteren

Er is een hele industrie op zich die zich bezig houdt met het selecteren van de beste vermogensbeheerder of fondsmanager. Dit kan een handige service zijn.

Het is echter niet mogelijk om de toekomstig beste presterende fondsmanager qua rendement of vermogensbeheerder te selecteren. Iemand die dit wel beloofd, denkt onterecht dat rendementen uit het verleden iets zeggen over de prestaties in de toekomst. Dit is wetenschappelijk bewezen niet het geval te zijn. Het is niet mogelijk gebleken voor pensioenfondsen, Institutionele beleggers maar ook voor doe het zelf beleggers om toekomstig winnende fondsmanagers of vermogensbeheerders te selecteren.

Rendementen uit het verleden…..

Onderzoek van Morningstar geeft aan dat de best presterende fondsen met 5 sterren, de minste kans op beste performance in de toekomst hebben. De enige reden om naar rendementen uit het verleden te kijken bij vermogensbeheerders is om de slechtst presterende te elimineren omdat deze waarschijnlijk door hoge kosten slecht hebben gepresteerd.

Geloof niet dat een vermogensbeheerder de markt kan verslaan omdat hij een hoger rendement dan de index heeft, zelfs als dit meerder jaren achter elkaar is gebeurd. Dit kan zijn door toeval of door het beleggen in meer risicovolle beleggingen waardoor een verkeerde index wordt gebruikt ter vergelijking.

Begin 2013 heb ik 120+ websites van vermogensbeheerders bekeken en daar heb ik slechts 11 websites aangetroffen waarop rendementen te vinden waren,  welke op twee na totaal niet goed te beoordelen waren omdat er geen correcte benchmark aanwezig was of omdat het gelopen risico niet was in te schatten.

Een correcte performance vergelijking wordt gedaan door met een correcte benchmark te vergelijken. Wanneer een belegger belegt in kleine waarde aandelen dan dient hij zijn gerealiseerde rendementen ook daadwerkelijk te vergelijken met een index van kleine waarde aandelen.

Een risico- rendementsverhouding of Sharpe-Ratio kan ook een goed inzicht geven hoe het rendement is ten opzichte van het gelopen risico. Het is niet alleen het hoogste rendement dat telt.

Een 3-factor regressie analyse is de standaard voor academici en institutionele beleggers en eigenlijk zou iemand die beweert de beste presterende vermogensbeheerders kan selecteren dit altijd moeten kunnen overleggen. Wanneer een beleggingsprofessional niet weet wat dit is dan mag getwijfeld worden aan de deskundigheid.

morningstar ratings

 

  • Het selecteren van een toekomstig winnend beleggingsfonds of vermogensbeheerder is niet mogelijk.
  • Een hoge Morningstar rating van 5 sterren heeft geen voorspellende waarde, een lage rating daarentegen wel.
  • Portfolio managers die in het verleden slecht hebben gepresteerd neigen ook in de toekomst naar slechte prestaties wat meestal te  maken heeft met kosten.
  • Als je toch rendementen gaat vergelijken, vergelijk dan geen appels met peren.

 

Bekwaamheid en betrouwbaarheid

  • Om een vergunning te krijgen van de AFM is vaak management ervaring nodig vandaar dat veel vermogensbeheerders voorheen management functies bezaten.
  • Een vroegere directie- of managementfunctie klinkt imposant  maar is geen garantie voor beleggingskennis.
  • Enkele jaren  ervaring bij een bank of vermogensbeheerder geeft meerwaarde maar is ook geen garantie voor een beter resultaat.
  • Verwar economische kennis en het op de hoogte zijn van het laatste nieuws niet met beleggingskennis.
  • De omvang van de dienstverlener en status van een private bank geven geen garanties voor een goede performance. Klanten van de meest chique Private Banks hebben te kampen gehad met afgeschreven Scheeps CV’s, Madoff, en absurd hoge kosten.
  • De beste bron van beleggingsinformatie is de wetenschap welke niets hoeft te verkopen.

Vergelijk

  • Vergelijk alle kosten (ook verborgen kosten) en performance fee.
  • Vergelijk op service niveau en op specifieke wensen.
  • Vermogensbeheerders die maatwerk aanbieden hebben vaak cliënten met onderling verschillende portefeuilles waardoor performance meting iets gecompliceerder ligt. Dit neemt niet weg dat een vermogensbeheerder zijn performance moet evalueren en hoort te weten hoe hij gemiddeld heeft gepresteerd per asset class of per doel-risicogroep.
  • Sterk achterblijvende rendementen kunnen wijzen op actief handelen of verborgen kosten.

 

Conclusie

  1. Bepaal het gewenste service niveau, beleggingsadvies of complete financiële planning, private banking of wealth management.
  2. Kies passief beleggen, kwantitatief beleggen of traditioneel actief beleggen.
  3. Houd kosten binnen de perken.
  4. Luister verder naar uw gevoel.

Jip en Janneke beleggingstheorie is voldoende!

Alfa en Beta
beleggingstheorie

Om de essentie van beleggen te begrijpen is  enige basiskennis van beleggingstheorie wenselijk maar niet perse nodig.

Veel Finance theorieën en modellen zijn in praktijk niet eens praktisch uitvoerbaar, maar kunnen wel het inzicht verschaffen dat nodig is om verstandig en vooral gedisciplineerd te beleggen.

 

 Beleggen is simpel maar niet gemakkelijk. Warren Buffet

 

Efficiënte Markt Hypothese

Volgens de Efficiënte Markt Hypothese is alle mogelijke informatie van een bedrijf of markt al verwerkt in de koersen. Dit betekent dat enige vorm van analyse van financiële markten zinloos is. Het Emh gaat ervan uit dat inefficiënties in de markt niet lang kunnen bestaan omdat rationele beleggers inefficiënties in koersen snel opheffen door beurshandel.

 

CAPM

Volgens het Capm wat aansluit op de EMH ligt heeft elke belegging  dezelfde risico-rendement verhouding zoals weergegeven in onderstaande grafiek. (Security Market Line)  Er geldt volgens het EMH en CAPM altijd: hoe meer rendement hoe meer risico. Wanneer een hoger rendement met minder risico wordt behaald dan ligt de portefeuille links van de lijn.

 

risico rendement capm

 

Wanneer beleggers allen rationeel zijn en markten efficiënt zijn dan is er geen out performance te behalen. Dit betekent per definitie dat elke belegging die een hoger rendement oplevert ook een hoger risico moet hebben. Alle Assets liggen dus op de security market line.

Vereenvoudige CAPM formule: Rendement X = Beta * Marktrendement

Het risico in het CAPM wordt weergegeven door de Markt Beta.  Beta = de gevoeligheid van Aandeel X ten opzichte van de markt.

 

Voorbeeld

Stel dat de Beta van Aandeel X 1.2 is, en het marktrendement is 1% dan stijgt Aandeel X met 1.2 % zie linker figuur.

Het omgekeerde  geldt ook  (zie rechter figuur). Wanneer de markt daalt met 1%, dan daalt Aandeel X (met een Markt Beta van 1.2) met 1.2%. In dit geval geldt ook hoe meer risico hoe meer rendement.

betabeta 1,2

Alfa

Een out performance behalen betekent een hoger rendement bij een lager of gelijkblijvend risico. En dat kan alleen wanneer markten inefficiënt zijn.

Financiële markten zijn meestal efficiënt, maar  niet altijd. Er zijn legio voorbeelden van inefficiënties in markten. Dit betekent ook dat er kansen zijn om te profiteren.

Het doel van beleggers is om zoveel mogelijk links van de CAPM Security Market Line te liggen

Anomalieën

Inefficiënties in de markt die volgens het EMH eigenlijk niet horen voor te komen noemen we anomalieën. Wanneer markten (tijdelijk) niet efficiënt zijn werkt het CAPM niet meer en moeten we een alfa toevoegen in de formule. Alfa is het extra rendement  waar geen extra risico voor gelopen wordt.

Alfa is een outperformance ten opzichte van de markt en ligt links van de SML zie onderstaande grafiek.

Het rendement van Aandeel X wordt bepaald door:

  1. De gevoeligheid van Aandeel X (βeta) voor de Markt factor (R(m))
  2. De out performance van het individuele aandeel genoemd Alfa.

`          In formule: R(A)= α + (β * R(M))

 

alfa

 

Fondsmanagers proberen aandelen te selecteren die ‘alfa’ genereren, oftewel een out performance genereren.

Onderstaande figuur laat Aandeel X zien dat een Beta van 1 heeft en een alfa van 0.2%. Dit betekent dat het aandeel een out performance maakt ten opzichte  van de markt van 0.2%. Het aandeel heeft hetzelfde risico als de markt (beta van 1) maar een hoger rendement van 1.2%.

Ingevuld R(A)= α + (β * R(M)) = 0.2% + ( 1 * 1%)= 1.2% rendement

beleggen

Modern Portfolio Theory werd door de bedenker zelf niet eens gebruikt


Modern Portfolio theory

Harry Markowitz, stond aan de  wieg van de moderne portefeuille theorie, (MPT) welke stelt dat beleggers het best beleggen in een mix van verschillende ongecorreleerde assets, met als doel de risico- rendement verhouding te verbeteren.

Het idee erachter is dat er op termijn geprofiteerd kan worden van de verwachte rendementen van iedere afzonderlijke Asset, terwijl het risico verminderd wordt. Doordat ongecorreleerde Assets niet tegelijkertijd in koers stijgen en dalen, wordt het koersrisico in de totale portefeuille verminderd.

Voorbeeld

Een 100% obligatie portefeuille heeft hetzelfde risico (koersrisico) als een mixportefeuille die bestaat uit 25% aandelen en 75% obligaties.

Ondanks dat aandelen volatieler zijn dan obligaties is door de verminderde correlatie tussen  aandelen en obligaties het risico van de mixportefeuille hetzelfde als die van enkel obligaties.

Het verwacht rendement  van de mixportefeuille is echter hoger dan die van de obligatie portefeuille welke hetzelfde risico heeft. De mixportefeuille heeft dus een betere risico- rendement verhouding dan de 100% obligatieportefeuille dankzij risico vermindering door diversificatie van ongecorreleerde assets.

Diversificatie is de simpelste manier om risico te verminderen en dus links van de SML (Security Market Line) te komen.

Wanneer de (theoretische) optimal portfolio van ongecorreleerde assets is gevormd, ontstaat er een nieuwe lijn (Capital Allocation Line) waarop de hoogst haalbare risico rendements verhouding wordt behaald.

Deze lijn loopt van het punt van de risico vrije rente (riskfree rate) door de optimale mix van aandelen en obligaties (zie grafiek). De kromme geeft de risico rendements verhouding weer van alle mogelijke mixen van aandelen en obligaties. Alles onder de lijn heeft een lagere risico rendement verhouding dan de ‘best mix of stocks and bonds’.

Capital Allocation Line

 

 

In theorie is er dus uit te rekenen wat de optimale beleggingsportefeuille is en zal elke belegger in dezelfde portefeuille beleggen. Beleggers beleggen in theorie allen in de optimale portfolio en in cash (hoe minder risico hoe meer cash).

De optimale portfolio is in realiteit nooit te behalen omdat correlaties veranderen in de loop der tijd. De theorie illustreert de kracht van diversificatie maar is in praktijk niet volledig toepasbaar.

De optimale Asset allocatie bestaat wel, maar is slechts achteraf te bepalen. Zelfs Markowitz zelf bekende zijn vermogen simpelweg te verdelen over 50% aandelen en 50% obligaties.

Dit is een mooie illustratie van een wetenschappelijk model wat in theorie klopt maar in de praktijk niet echt bruikbaar is.

Succesvol beleggen heeft met gedrag te maken niet met kunde

Het beste fonds van het Millennium…

Het CGM Focus Fund was met 18% rendement per jaar het best presterende fonds van het decennium (2000 – 2010), een geweldige rendement wat een bedrag van 100.000 euro kon laten groeien naar 500.000 euro in 10 jaar tijd. De index liet in dezelfde periode een een licht negatief rendement liet zien.

Hoe verging het de beleggers van het CGM Focus Fund in die 10 succesvolle jaren? Wonderbaarlijk genoeg hebben de beleggers van het meest succesvolle fonds van het millenium een negatief rendement gerealiseerd van -11%… (geen type fout)… Dit is een ongelooflijk verschil van 29% in rendement. (bron: Morningstar).

fonds van het millenium

Hoe is dit mogelijk?

Hoe is het mogelijk dat beleggers in beleggingsfondsen lagere rendementen behalen dan het fonds zelf? Het lijkt erop dat beleggers precies kopen en verkopen op het verkeerde moment.

Toen het CGM Focus Fund in 2007 80% was gestegen stapten beleggers gedreven door hebzucht massaal in, helaas kelderde het fonds vlak daarna in 2008 met 48%. Deze halvering van het fonds zorgde ervoor dat beleggers gedreven door angst massaal weer uitstapten in 2009.

 

Eerder regel dan uitzondering

Helaas is het fonds van het millennium geen uitzondering. Uit onderzoek van Dalbar blijkt dat beleggers ieder jaar ver achterblijven bij de index.

index versus beleggingsfondsbeleggers

 

 

Het verkeerde moment

Onderstaande grafiek legt uit waarom beleggers consistent achterblijven bij de beleggingsfondsen waarin zij beleggen en bij de index. Op het moment dat de beurzen stijgen (blauwe lijn=markt), gaan beleggers kopen (groene staafjes = instroom beleggingsfondsen). Op het moment dat de beurzen dalen (2008), gaan beleggers verkopen.

Gevolg is dat beleggers precies het verkeerde doen, kopen op het hoogste punt vlak voor de financiële crisis in 2008 om vervolgens op het laagste punt van de crisis weer te verkopen.

Dit geld voor beurzen, sectoren, beleggingsfondsen en voor individuele aandelen.

beleggers timen precies verkeerd

 

Monkey Brain

Markten zijn niet altijd rationeel, een belegger heeft regelmatig te maken met extreme prijsfluctuaties zoals bubbels en crashes die worden veroorzaakt door angst en hebzucht in tijden van depressie en respectievelijk euforie.

Wanneer prijzen stijgen dan wordt er dopamine aangemaakt in onze hersenen waardoor beleggers overmoedig kunnen raken en lijden aan hebzucht. Wanneer de beurs daalt, treedt de vlucht respons in werking gedreven door angst waardoor we niet meer rationeel kunnen denken en verkopen op het laagste punt. (zie onderstaande tekening van Carl Richards)

 

 fear-greed

Emotionele achtbaan

 Je zult misschien denken, dat overkomt mij niet, ik ben slimmer dan gemiddeld en ben nu op de hoogte. Juist voor mensen die slim of  succesvol zijn kan het verleidelijk zijn om te denken dat zij ook het beursspel kunnen winnen. Ook al ben je perfect op de hoogte van de valkuilen van beleggen dan nog is het slim om je te beschermen tegen jezelf. In het heetst van de strijd wordt alle wijsheid uit het raam gegooid en neemt monkey brain het over.

Het gevolg is een emotionele rollercoaster waarin beleggers niet meer rationeel kunnen denken en verkeerde beslissingen nemen.

market cycle emotions

 

 

“The investor’s chief problem – and even his worst enemy – is likely to be himself.”

— Benjamin Graham, Graham, Benjamin, “Security Analysis,” New York: McGraw-Hill Companies, 1934

 

Behavioral Finance verklaart gedrag

Behavioral Finance is de wetenschap die beschrijft hoe onze emoties en gedrag (Biases) onze beslissingen beïnvloeden.

menselijk brein en beleggen

 

Er zijn verschillende behavioral biases die bijdragen aan de valkuilen van beleggen, hieronder de meest gevaarlijke.

Overconfidence: Mensen denken dat ze beter presteren dan hun medemens en denken daardoor ook de markt te kunnen verslaan. Wanneer je mensen uit een groep vraagt naar hun intelligentie ten opzichte van de groep dan zal 80% zichzelf intelligenter inschatten dan het gemiddelde van die groep.

Entitlement: Mensen die daadwerkelijk een bijzondere gepresteerd hebben of een bijzondere sociale status hebben die zijn gewend om een betere service te krijgen dan het gewone volk. Onbewust verwachten zij ook, dat zij toegang zullen krijgen tot een buitengewone beleggingsportefeuille die niet alleen standaard aandelen en obligaties bevat maar ook allerlei complexe en exotische beleggingsinstrumenten die tot winnende rendementen moeten leiden. Dure private banks, Hedge Funds en Madoff figuren voelen dat haarfijn aan en spelen in op die markt met als gevolg hoge kosten en lage rendementen. Dit gaat ook vaak met status gepaard, ook in het geval van beleggen geldt, hoe meer status, hoe meer kosten en hoe minder rendement.

Hindsight bias: Beleggers denken achteraf dat bepaalde gebeurtenissen duidelijk voorspeld hadden kunnen worden, en dat ze beter hadden moeten weten. De waarheid is dat nieuws de markten stuurt, nieuws is onvoorspelbaar anders was het geen nieuws.

Familiarity bias: Sommige beleggers beleggen voornamelijk in bedrijven of landen die ze kennen wat een vals gevoel van zekerheid geeft en voor te weinig diversificatie zorgt. De AEX maakt slechts 1% uit van wereld aandelen beurzen, maar is bij Nederlandse beleggers vaak oververtegenwoordigd. Ook van aandelen die van generatie op generatie zijn doorgegeven wordt moeilijk afstand gedaan.

Regret avoidance: Beleggers zweren achteraf nooit meer dezelfde fout te maken als dit geresulteerd heeft in een verlies of gemiste kans. In realiteit is niet te voorspellen wanneer iets een verlies of kans oplevert.

Self attribution bias: Beleggers schrijven beslissingen die tot succes hebben geleid toe aan zichzelf maar leggen de oorzaak van verliesgevende beslissingen buiten zichzelf.  Hiermee wordt bij winst onterecht zichzelf een magische gave toegeschreven en bij verlies wordt de verantwoordelijkheid buiten zichzelf gelegd. Dit is een van de meest voorkomende fouten die met name actieve beleggers maken. Mijn visie was wel goed, alleen ….(onvoorspelbare reden) gooide roet in het eten.

Extrapolation: Beleggers extrapoleren recente gebeurtenissen, informatie en trends te ver door naar de toekomst, zowel negatief als positief hierdoor ontstaan extremen zoals bubbles & crashes, overgewaardeerde Groei aandelen (Internet Stocks) en te laag gewaardeerde Waarde aandelen.

In alle gevallen zorgen bovenstaande effecten ervoor dat beleggers een vals gevoel van controle krijgen dat niet aanwezig is.

Hoe actiever hoe minder succesvol

Actief handelen is  een probleem voor beleggers. Uit onderzoek blijkt dat de meest actieve beleggers het slechtst presteren. Wanneer beleggen ook als hobby wordt gezien kan dit desastreuze gevolgen hebben (hobby’s kosten geld). De hersenscans van mensen die speculeren op de beurs komen overeen met die van gok- en drugsverslaafden. Er zijn kapitalen vergokt op de beurs door slimme succesvolle mensen.

“The neural activity of someone whose investments are making money is indistinguishable from that of someone who is high on cocaine or morphine.”

— Jason Zweig, Your Money & Your Brain, 2007

Uit onderzoek van Barclays (2011)  blijkt  dat 41% van de zeer vermogende moeite hebben om hun emoties de baas te zijn en om discipline te bewaren in hun beleggingen. Uit deze studie blijkt dat actief handelen over een periode van 10 jaar deze beleggers gemiddeld  20% rendement kost.

 

Herbalanceren

In plaats van de grillen van de markt proberen te voorspellen en actief te handelen  (Market Timing, Stock Picking), is het beter om een beleggingsplan te maken en dit gedisciplineerd uit te voeren. Bepaal welke verhouding van risicovolle en minder risicovolle beleggingen bij jou risicotolerantie en doelstelling past en herbalanceer jaarlijks of wanneer deze verhouding door marktomstandigheden uit balans is geraakt. Wijk hier nooit vanaf  tenzij er iets verandert in je persoonlijke financiële situatie.

Herbalanceren is het weer in de juiste verhouding terugbrengen van je portefeuille aandelen en obligaties die door koersschommelingen uit balans is geraakt.

Herbalanceren tekening

 

Wanneer je weet wat je doelrendement en je risicotolerantie is dan kun je ideale verhouding tussen aandelen en obligaties  bepalen. Deze verhouding zal door koersfluctuaties continue veranderen en dient periodiek bijgesteld te worden.

Herbalanceren zorgt ervoor dat je verhouding aandelen versus obligaties binnen je risicoprofiel blijft. Het zorgt er ook voor dat je automatisch aandelen aankoopt wanneer deze sterk zijn gedaald en het zorgt er ook voor dat je aandelen verkoopt wanneer aandelen koersen sterk zijn gestegen.

Wanneer je de beslissing maakt dat je alleen handelt om te herbalanceren dan betekent dat dat je niet uit de beurs stapt wanneer het tegenzit, integendeel je koopt dan bij. Dit gaat tegen de intuïtie in van beleggers omdat die bij een beursdaling door angst willen verkopen.

Niemand kan consistent voorspellen wanneer de markt zal dalen, een beleggingsadviseur of vermogensbeheerder die ‘je zal  behoeden voor beursdalingen door tijdig te reageren’ maakt beloften die hij niet waar kan maken. Het is dus van groot belang dat je niet te risicovol belegt en een (tijdelijke) beurs dip mentaal en financieel aan kunt.

 

Discipline loont

Het heeft geen zin om actief te beleggen op basis van analisten rapporten, je beleggingsadviseur of de laatste tip uit de media. Actief beleggen is een stressvolle bezigheid die geld kost en waarbij je continue afwijkt van je plan en je uiteindelijke doel.

Maak een plan en houd je daaraan, zorg dat je niet te risicovol belegt bent zodat je gedurende je beleggingshorizon tijdens een crisis niet hoeft te verkopen. Een gedisciplineerd belegger wordt uiteindelijk beloond voor het uitvoeren van een degelijk plan. Kennis en discipline zorgen ervoor dat je dagelijkse ruis en media paniek kunt weerstaan, vermogen bouw je op met geduld en discipline.

discipline loont

 

 

 Conclusie:

Gedrag is de belangrijkste factor voor succes. Voorkom de grootste fout die een belegger kan maken: het aan- en verkopen op het verkeerde moment.

  1. Hoeveel is genoeg? Weet waarom je belegt en hoeveel rendement genoeg is voor jou,
  2. Hoeveel risico kun  je maximaal aan zonder dat je in paniek raakt of financieel te veel risico loopt?
  3. Kies een Asset Allocatie (verhouding aandelen en obligaties) die bij je past, en houd deze vast.
  4. Neem de beslissing om niet  te verkopen op momenten dat het spannend wordt (market timing), als het te spannend voor je wordt dan is dat een teken dat je in eerste instantie een beleggingsportefeuille hebt die te risicovol is en niet bij je past. (ga terug naar stap 2)
  5. Herbalanceer jaarlijks wanneer door koerswijzigingen je portefeuille uit balans is geraakt.
  6. Discipline wordt beloond!

Deze vijf factoren bepalen 95% van je rendement

fama & frech cool

Fama & French “de Vaders van Moderne Finance” weten in 1992, 95% van alle rendementen te verklaren met een 5 factor model.  (Fama & French, 1992)

  1. Markt richting
  2. Size (grote of kleine aandelen)
  3. Value (Waarde of Groeiaandelen)
  4. Rating (Kwaliteit van obligaties)
  5. Duration (Looptijd van obligaties)

aandelen stijlboxObligatie stijlbox

 

Hoe meer risico hoe meer rendement.

risico versus rendement

1 Markt factor

De rendementen van individuele aandelen worden voor een groot deel (+/- 75%) verklaard door de rendementen van de algemene beurzen.  Bedrijven zijn voor een groot deel afhankelijk van de algehele economie wat zich uit in een correlatie met de algehele beurzen.

Ook de rendementen van obligaties zijn afhankelijk van de rentestanden. Wanneer de rente stijgt op de financiële markten dan daalt de koers van obligaties.(obligaties wikipedia)

beleggingsrendementen sinds 1928 in de us

 

2 Size

Fama & French ontdekten dat bepaalde aandelen beter presteren dan andere aandelen. Zij ontdekten dat kleine aandelen beter presteren dan aandelen van grote bedrijven en dat Waarde aandelen beter presteren dan Groei aandelen.

De reden voor het hoger rendement voor Small Cap is omdat kleine bedrijven  risicovoller zijn dan grote bedrijven. Kleine aandelen leveren per jaar gemiddeld 3,2% meer op dan grote aandelen sinds 1928 in de US.

3 Value

Waarde aandelen leveren per jaar 4,8% meer op dan groei aandelen sinds 1928 in de US. Waarde aandelen leveren een hoger rendement omdat ze risicovoller zijn. (risico gemeten in koersfluctuatie).

volatility waarde ff

 

 

 

Aandelen Stijlbox

Wanneer alle aandelen worden gesorteerd naar Size (groot of klein) en ook naar Value (Waarde en Groei) dan kunnen we verschillende aandelen stijlen combineren.

 

 aandelen stijlbox

Wat zijn Waarde- en Groeiaandelen?

Zoals Kleine Aandelen (Small Cap) een tegenpool zijn van Grote Aandelen (Large Cap), zo zijn Waarde Aandelen (Value) een tegenpool van Groei Aandelen (Growth).

Groei Aandelen hebben een hoge relatieve beursprijs ten opzichte van de onderliggende waarde of winst van het bedrijf.

Waarde Aandelen daarentegen zijn vaak bedrijven uit een volwassen sector of bedrijven waarvan minder groei verwacht kan worden. Waarde bedrijven hebben een relatief lage koersprijs ten opzichte van de winst of de boekwaarde en worden dus als goedkoop beschouwd (veel waarde voor je geld).

Aandelen van de beste en meest aantrekkelijke bedrijven zijn vaak groei aandelen, en tegen de verwachting in van de meeste mensen zijn aandelen van de beste bedrijven niet de aandelen met het hoogste rendement. De positieve verwachting van groeibedrijven zit dus al in de prijs verwerkt.

Goede bedrijven zijn slechte aandeelbeleggingen.

De prijs van groeiaandelen is hoog omdat er veel groei van verwacht wordt. Groeiaandelen (ook wel eens Glamour Aandelen genoemd) zijn meestal de aandelen van bedrijven die  succesvol zijn of tot een groei sector behoren.

Groeiaandelen zijn aandelen die iedereen wil hebben zoals  Apple, of Facebook in hun hoogtijdagen omdat het succesvolle bedrijven waren of zijn met veel groei potentieel.

80 jaar data en wetenschappelijk onderzoek laat zien dat goede bedrijven slechte investeringen zijn, de prijs van goede (groei) bedrijven is zover opgedreven door te hooggespannen verwachtingen van beleggers, dat de aandelen van goede bedrijven slechte investeringen zijn.

Dit gaat tegen de intuïtie van mensen in, het lijkt logisch om een goed bedrijf te kopen, een goed bedrijf geeft meer zekerheid op winst, maar voor die zekerheid ontvang je minder rendement.

Waarom de experts ernaast zitten:

Beleggingsprofessionals hebben vele taken waaronder het adviseren van een beleggingsportefeuille. Het probleem van de beleggingsindustrie is dat de gemiddelde vermogensbeheerder de beste aandelen wil selecteren.  Hiervoor selecteert hij op basis van analisten rapporten, financiële media of zijn eigen research de beste en meest populaire en succesvolle, landen, sectoren en bedrijven.

De beste, bekendste, populairste en snelstgroeiende bedrijven zijn top bedrijven maar slechte investeringen omdat de prijs die je moet betalen om voor een stukje eigenaar te worden veel te hoog is.

 

Small Cap value is de winnaar

Als we nu kijken naar de rendementen van de vier verschillende stijlen dan kunnen we zeggen hoe meer risico hoe meer rendement. Echter voor de stijl Small Cap Value (Kleine Waarde Aandelen) geldt dat deze aandelen relatief beter presteren dan de rest. Small Cap Value levert gecorrigeerd voor risico meer rendement dan alle andere stijlen.

ff factors

 

Altijd en Overal

De prestaties van de verschillende aandelen stijlen wisselen per jaar. Over lange termijn blijkt dat kleine en waarde aandelen wereldwijd beleggers belonen met extra rendement  voor het gelopen risico. (Value en Small Cap Premium)

value outperformance in time

 

waarde en small cap

Obligatie rendementen

Factoren die obligatie rendementen verklaren:

4. Looptijd

Obligaties met een langere looptijd zijn gevoeliger voor veranderingen in de stand van de rente en geven daarom een hoger rendement en risico.

5. Kredietwaardigheid/ Rating

Obligaties met een lagere Rating  hebben een hoger risico omdat de kans op wanbetaling groter is.

Obligatie Stijlbox

Ook het universum van obligaties is onder te verdelen in een stijlbox naar looptijd en rating (zie figuur).

Obligatie stijlbox

 

Laag risico obligaties zijn de winnaar

Obligaties dienen ter bescherming in een beleggingsportefeuille. Kwaliteitsobligaties met een goede kredietwaardigheid (Investment Grade) en obligaties met een korte looptijd (<5 jaar) geven de beste bescherming in geval van inflatie, renteschommelingen en aandelencrashes.

looptijd obligatie en risico

 

Hoog risico obligaties geven aanzienlijk minder bescherming en relatief minder rendement. Wanneer je meer rendement wilt genereren dan zijn aandelen daarvoor geschikter dan hoog risico obligaties.

Waarom spreiden de heilige graal van beleggen is

De gemakkelijkste manier  om risico te verminderen zonder daarvoor rendement in te leveren is door het spreiden van beleggingen over landen, sectoren, assets en titels (bedrijven). Modern Portfolio Theory” (Markowitz 1954)

Door spreiding kun je profiteren van de wereld economie en zorg je ervoor dat je geen kansen mist.

wereld markt kapitalisatie

 

 

Spreiding vermindert risico

Spreiding zorgt ervoor dat het risico wordt verminderd omdat de verschillende beleggingen niet tegelijkertijd in koers omhoog of omlaag bewegen (correlatie). Koersschommelingen van individuele beleggingen worden gladgestreken waardoor het risico gedempt wordt.

diversification

 

Spreiden. Bovenstaande tabel illustreert mooi hoe een gespreide portefeuille het meest stabiele resultaat geeft over de jaren. Elk blokje is een verschillende asset class (aandelen, obligaties, grondstoffen enzovoort). De gespreide portefeuille  (in gijs genaamd ‘Asset Allocation’) laat een betere rendement- risico verhouding zien dan de individuele assets.

 

Spreiden geeft Out Performance

Het resultaat van spreiden versus niet spreiden is een Out Performance doordat er per eenheid rendement minder risico wordt gelopen. Onderstaande is een vereenvoudigde weergave van de out performance van de beleggingsportefeuille die alle assets koopt versus de individuele beleggingen op de lijn.

OUtperformance door spreiding

Waarom een Aap de index verslaat?

Bekend is de aap die met een dartpijltje aandelen kiest en daarmee dikwijls de index verslaat. Het bewijs dat markten grotendeels efficiënt zijn is overweldigend. Professionele beleggers en particuliere beleggers kunnen als groep niet de markt verslaan.

Is er een manier om de index te verslaan?

Jazeker, laat een aap  100x  random een aandelenportefeuille kiezen en je verslaat de markt gewogen  index en meer dan 80% van de Fondsmanagers.

Hoe komt dat? Een index bevat voornamelijk kleine aandelen en waarde aandelen welke over het algemeen beter presteren dan andere aandelen. Wanneer je dus meerdere keren random een portefeuille selecteert dan is de kans dat je in kleine waarde aandelen belegt groter dan wanneer je in in alle aandelen (index)  belegt, simpelweg omdat er meer Kleine en Waarde aandelen zijn dan andere aandelen.

 

Marktfactoren verklaren rendementen (Beta’s)

De beroemde Finance professoren, Fama & French  ontdekten dat kleine aandelen beter presteren dan grote aandelen en dat waarde aandelen beter presteren dan groeiaandelen. Deze anomalieën bleek echter niet alleen in de US voor te komen maar ook in andere landen en andere perioden.

Vele anomalieën (inefficiënties) die in de markten worden gevonden door academici verdwijnen vaak na publicatie omdat deze worden uitgebuit door beleggers. Wanneer een anomalie zo consistent is dat deze na publicatie en in verschillende markten blijft bestaan dan wordt het een algemeen geaccepteerde marktfactor en is het geen anomalie meer.

Zie hieronder de performance van de verschillende stijlen sinds 1927.

ff factors

 

Waarde aandelen zijn aandelen die een lage prijs hebben ten opzichte van hun winst of boekwaarde.

 

Groei aandelen zijn het tegenovergestelde, zij hebben een hoge prijs ten opzichte van de winst of boekwaarde. Fama & French sorteren aandelen naar waardering en naar marktwaarde  zoals in onderstaande figuur te zien is ( stijlbox genoemd).

 aandelen stijlbox

Aandelen stijlen (Beta’s)

Kleine aandelen geven historisch een hoger rendement dan grote aandelen en waarde aandelen geven historisch een hoger rendement dan groei.  Het risico (gemeten in volatiliteit per jaar) is ook hoger voor kleine aandelen en voor waarde aandelen zoals te zien is in onderstaande figuur. ( Risico = Annual standard deviation)

 

 

Hoe meer risico hoe meer rendement dus? Ja, kleine en waarde aandelen hebben een hogere volatiliteit per jaar (koersfluctuatie) namelijk 25.5%  en 29.7% respectievelijk voor Value (waarde aandelen) en Small Cap (kleine aandelen). Hoe meer risico hoe meer rendement dus.

 

Out performance

Wanneer we de verschillende factoren nader bekijken dan blijkt dat verschillende groepen aandelen een hoger rendement genereren maar dat wil niet zeggen dat ze een out performance maken. Een out performance wordt veelal gemeten door de Sharpe Ratio of Alfa. Out performance betekent een hoger rendement behalen gecorrigeerd voor risico, wat hetzelfde is als een betere risico- rendement verhouding.

Het risico van het aanhouden van een portefeuille met aandelen en obligaties wordt doorgaans gemeten door de mate van koersfluctuatie of volatiliteit. Hoe meer de waarde van de portefeuille fluctueert hoe meer risico.

Hieronder een overzicht van het gemiddelde jaarrendement per stijl en grootte,  verdeeld in 5×5 portefeuilles: Sinds de publicatie van het originele paper is het resultaat nog steeds hetzelfde ook in internationale markten (zie grafiek sinds 1990).

Over het algemeen doen kleine aandelen (links) het beter dan grote aandelen (rechts) en doen waarde aandelen (achteraan) het beter dan groei aandelen (vooraan). In onderstaande figuur zien we dat Small Cap Value aandelen (kleine waarde aandelen) gemiddeld veruit het hoogste rendement behalen.

 

5x5 returns

 

Small Cap Value is King!

Een verklaring volgens het EMH zou moeten zijn dat kleine en waarde aandelen meer risico met zich mee dragen. Wat blijkt is dat kleine en waarde aandelen inderdaad meer risico met zich meedragen, maar de risico-rendement verhouding voor waarde aandelen en kleine waarde aandelen beter dan die van grote en kleine groei aandelen.

Wanneer we het rendement vergelijken met het gelopen risiso dan blijkt dat Small Cap Value  ook gecorrigeerd voor risico het beste presteert. In onderstaande grafiek kunnen we zien dat de rendement- risico verhouding het best is voor Small Cap Value. Het extra rendement van Small Cap Value stocks (kleine waarde aandelen) wordt dus niet geheel door het risico (volatiliteit) verklaard. Zie hieronder. Dit betekent dat Kleine Waarde aandelen gemiddeld de beste belegging zijn. We kunnen ook zien dat kleine groei aandelen het slechts presteren.

3 factor sharpe ratio

De stijlen of beta’s die een hoger rendement gecorrigeerd voor risico genereren (Sharpe Ratio) of alfa,  worden ook wel Smart Beta’s genoemd. Men kan via een indexfonds beleggen in de verschillende stijlen.

 

Wat zijn Waarde en Groei aandelen?

Waarde aandelen hebben een lage prijs ten opzichte van de boekwaarde of winst van een bedrijf en groei aandelen hebben een hoge prijs ten opzichte van de boekwaarde of winst van een bedrijf.

Waarde aandeel
Een waarde aandeel is een aandeel waarvan de beursprijs redelijk overeenkomt met de instrinsieke waarde van het bedrijf. Er wordt dus weinig groei verwacht van het bedrijf omdat het een bedrijf is dat in een volwassen sector zit omdat het een probleem heeft of van mindere kwaliteit is. Een voorbeeld van een waarde aandeel in 2010 was BP waarvan de koers flink gedaald was vanwege de olievlek.

Groei aandeel (Glamour)
Een groei aandeel, ook wel glamour aandeel genoemd, is een aandeel waarvan de koers vele male hoger is dan de boekwaarde of winst. Beleggers verwachten dus een hogere groei van de winst van het bedrijf omdat het een fantastisch bedrijf is of omdat het in een groeiende sector zit. Een voorbeeld daarvan is Apple wat in 2010 op de top van haar groei zat met de Iphone.

“Een goed bedrijf hoeft nog geen goede investering te zijn”

Topperformers en Probleem bedrijven?

Je zou Waarde en Groei bedrijven ook wel top en probleem bedrijven kunnen noemen.
Een van de grootste fouten die particuliere en professionele beleggers maken is het uitzoeken van de perfecte bedrijven in de perfecte sectoren. Zie hieronder een voorbeeld van een waarde en groei (glamour) bedrijf.

BP Probleembedrijf ( Waarde)
Al we het voorbeeld van BP en Apple in 2010 aanhalen dan kunnen we ons voorstellen dat beleggers in BP een hoog rendement eisen omdat er een hoog risico kleeft aan beleggen in BP vanwege mogelijke claims van de olievlek. Beleggers zullen dus alleen kopen bij een lage koers vergeleken met de boekwaarde of winst.
Apple Topbedrijf (Glamour)
Apple was in 2010 de beurslieveling en een van de meest succesvolle bedrijven ter wereld. Dankzij top verkopen van de ipad en iphone was groei en winst een zekerheid. Met Steve Jobs aan het roer was Apple in 2010 een echt groei (glamour) bedrijf. Iedereen wilde in Apple investeren omdat de verwachte groei en winst groot, zeker en stabiel was. Beleggers waren dus bereid om velen male meer te betalen dan de boekwaarde of winst van dat moment.

Op moment van schrijven (feb 2013) blijkt dan het aandeel BP meer rendement heeft opgeleverd dan het aandeel Apple sinds 2010, iets wat menig belegger in die tijd niet zou verwachten omdat het tegen het gevoel in gaat.
Over langere perioden leveren Waarde aandelen meer rendement dan Groeiaandelen.

Er zijn natuurlijk ook perioden waarin groeiaandelen als groep beter presteren zoals ten tijde van de Internet bubble maar sinds 1926 hebben Waarde aandelen meer opgeleverd dan groeiaandelen.
De value premium (verschil in rendement tussen waarde en groei) is een van de meest onderzochte fenomenen welke in alle markten voorkomt zoals onder andere Emerging Markets.

 

Waarom?

In de zeventiger jaren kwamen Khaneman & Tversky met bewijs dat mensen, en dus ook beleggers, als het om risico en rendement gaat niet altijd rationele beslissingen nemen. Deze irrationele beslissingen creëren inefficiënties en anomalieën welke kansen creëren om te profiteren. De wetenschap die psychologisch gedrag van beleggers bestudeert noemt men Behavioural Finance.

Veel onderzoek is gedaan naar de reden dat de value premium blijft bestaan. Behavioural finance verklaart de value premium doordat beleggers groei overschatten van groei aandelen en de groei van waarde aandelen onderschatten.

Waarde aandelen zijn meestal niet de perfecte bedrijven en kunnen bevlekt zijn. Groei aandelen zij meestal de perfecte bedrijven in een top sector en beleggers reageren overdreven hierop.

De overdreven positieve groeiverwachting van beleggers is de reden dat groei aandelen hoog geprijsd, ook worden zij makkelijk verkocht worden door banken en beleggingsadviseurs. Groei of Glamour aandelen zijn meestal topbedrijven uit een groei sector die iedereen in portefeuille wil hebben (groepsgedrag).

Het feit dat de groei meestal al in de koers zit verwerkt deert de gemiddelde belegger niet. Hij is bang iets te missen en doet mee met de rest. Een fondsmanager heeft liever ‘samen ongelijk’  dan ‘alleen gelijk’. Het is op een feestje ook makkelijker vertellen dat je Apple in portefeuille hebt dan BP.

Waarde en Groei selecteren

Het onderscheid tussen waarde en groei wordt gemaakt puur op basis van waardering op basis van cijfers. Alle aandelen worden gerangschikt van hoog naar laag op basis van een waardering ratio zoals koers/boekwaarde of koers/winst verhouding. Het onderscheid is dus vrij eenvoudig te maken. Men kan gemakkelijk in waarde beleggen via een indexfonds of beleggingsfonds.

Out performance op de lange termijn

De out performance van verschillende stijlen is zeer consistent en komt in alle markten ter wereld voor. Dit betekent niet dat Waarde aandelen elk jaar een outperformance maken. In de tijd van de internet bubble rendeerden groei aandelen het best. Een belegger die geduld op kan brengen zal daarvoor beloond worden.

 

 value outperformance in time

Op de langere termijn kun je profiteren van marktfactoren (Smart Beta’s) die beter presteren dan gemiddeld door simpelweg gelijk gewogen index aan te kopen in plaats van een markt gewogen index of, een aap random je portefeuille te laten selecteren.

200 jaar Finance wetenschap in 5 minuten

fama nobelprijswinnaarDe beleggingswetenschap heeft zo’n beetje alles wel onderzocht, beschreven en verklaard. We hoeven zelf het wiel dus niet meer uit te vinden maar kunnen gewoon doen wat werkt, op basis van wetenschap.

De vrije markt werkt

The Wealth of Nations (Adam Smith, 1776)

Het is mogelijk te beleggen en profiteren van de groei van de wereld economie (kapitalisme) door te beleggen in bedrijven, overheden, grondstoffen of onroerend goed op de financiële markten.

Beleggers worden beloond

Bedrijven creëren waarde door het leveren van service en producten die ze kunnen verkopen met winst. De belegger die kapitaal verschaft aan die bedrijven krijgt in ruil daarvoor rente (obligaties) of een deel van de winst (aandelen).

 

beursrendementen sinds 1800

Grafiek Twee honderd jaar beurs.  Aandelen (Stocks) presteren het best. Inflatie (CPI) is de stijging in kosten van leven.  Met een belegging in Obligaties (bonds) zou je de inflatie goed bij gehouden hebben. Goud (Gold) heeft op de lange termijn amper inflatie bij kunnen houden maar heeft sinds de zeventiger jaren een groei doorgemaakt sinds de dollar van de goudstandaard is losgekoppeld. 

De markt bepaalt de prijs

“The Theory of Speculation,” (Louis Bachelier, 1900)

Elk bedrijf of elke overheid die kapitaal wil aantrekken op de financiële markten probeert dat zo goedkoop mogelijk te doen door zo min mogelijk rente te betalen of aandelen uit te geven. De belegger daarentegen probeert zoveel mogelijk rendement te krijgen voor het tijdelijk afstaan van zijn kapitaal.

Miljoenen beleggers zowel professionele als particulieren concurreren dagelijks met elkaar om de beste belegging voor de beste prijs te kopen.

Markt prijzen zijn de beste inschatting van de huidige waarde, al jaren vertrouwen mensen op dagprijzen om te handelen, dit geld ook voor de vismarkt of bloemenmarkt. Handelaren en consumenten bepalen samen de prijzen door vraag en aanbod.

dagprijzen vis

 

 

Beursprijzen verlopen willekeurig

Dagelijks worden miljoenen transacties verricht door mensen die allen op hun eigen manier beschikbare informatie verwerken. Het gevolg is dat korte termijn koersen volgens een willekeurig patroon bewegen wat niet te voorspellen is.  Zie hieronder dat beursprijzen verlopen volgens een normaal distributie oftewel willekeurig zonder patroon.

normaal distributie versus aandelen returns

“Prices are Random” (Paul Samuelson, 1965) Nobelprijswinnaar.

 

Beurzen zijn niet te voorspellen

Wanneer je je geld op korte termijn nodig hebt dan is beleggen geen optie. Aandelen maar ook obligaties kunnen op korte termijn hevig in waarde dalen en stijgen. Zoals in onderstaande grafieken te zien. Op de korte termijn zijn beurzen niet te voorspellen.

rendementen per jaar aandelen obligaties

 

 

Beleggen voor de lange termijn werkt.

Op de lange termijn worden beleggingsresultaten beter voorspelbaar omdat deze de neiging hebben om terug te gaan naar het gemiddelde (mean reversion).

Wanneer aandelen en obligaties worden vergeleken met elkaar voor zeer lange termijn, dan blijkt dat  aandelen steeds minder risicovol worden. (gebaseerd op historische rendementen van de US) Hoe langer de beleggingshorizon hoe dichter het verwachte  eindrendement bij het lange termijn gemiddelde ligt.

Sinds 1928 is historisch in de US in een periode van 15 jaar is de kans op een negatief rendement voor aandelen nul geweest. Dit impliceert dus dat historisch gezien voor een beleggingshorizon van 15 jaar, aandelen minder risicovol zijn geweest dan obligaties. (historie is geen garantie voor de toekomst)

Lange termijn risico aandelen en obligaties

Data Sources: St. Louis Fed & Value Line US stock data since 1928

 

Beurzen zijn niet rationeel

Beleggers kunnen soms overdreven reageren op nieuws of omstandigheden waardoor beurs extremen zoals bubbels en crashes kunnen ontstaan. Een van de eerste bubbels was de tulpenmanie in Nederland (1936). Een meer recentere bubbel was de internet bubbel, welke 75% implodeerde vanaf 2000.

dot-com-bubble

 

Het feit dat beurzen soms irrationeel zijn geeft aanleiding om te denken dat het slim is om te verkopen tijdens bubbels en te kopen tijdens depressies. Het probleem is dat niet is in te schatten wanneer een extreme marktsituatie weer naar een ‘normale waardering’ zal terugkeren. Dit komt omdat beursprijzen worden bepaald door gedrag van mensen (beleggers) wat niet te voorspellen valt.

 

Market Timing werkt niet

Verschillende studies waaronder die van Nobelprijswinnaar William Sharpe (“Likely Gains from Market Timing”,1975) geven aan dat een belegger meer dan 70% goed moet gokken om te kunnen profiteren van Market Timing.

Stel dat een belegger per dag beslist of hij in- of uit de aandelen markt stapt, dan  moet hij meer dan 70% van de tijd goed gokken te kunnen profiteren om meer rendement te maken dan een belegger die niet de markt probeert te timen.

Dit komt omdat de beurzen gemiddeld meer stijgen dan dalen, wanneer je de helft van de tijd niet belegd bent dan loop je per definitie achter op iemand die wel vol belegd is.

bear bull markets

 

Bovendien is het onmogelijk (kans van 1 op 500) om de 10 beste of slechtste dagen te voorspellen die een enorme impact hebben op de uiteindelijke winst in een periode zoals in onderstaande grafiek van 10 jaar.

missing best days

 

 

Professionele beleggers kunnen officieel niet voorspellen

CXO advisory heeft vanaf 1998 meer dan 6000 voorspellingen gemeten van bekende beursanalisten en goeroes. In 2012 zijn zij gestopt omdat het duidelijk werd dat niemand de beurs consistent juist kon voorspellen.

De gemiddelde accuratesse van de voorspellers is minder dan 50%, oftewel minder kans dan kop of munt. De beste voorspeller wist 66% maal juist de richting van de beurs te voorspellen. Helaas is de score van de beste voorspeller niet genoeg om beter te presteren dan de markt omdat meer dan 70% accuratesse nodig is.

Ook professors Graham & Harvey (1996) bestudeerden 15.000 voorspellingen van 237 market timing services van 1980 tot 1992. Aan het eind van het onderzoek was al 94,5% van de services gestopt met een een gemiddelde levensduur van 4 jaar.

 

Markten zijn efficiënt

 “The Behavior of Stock Market Prices,” (Fama, 1965)

Markten (beleggers) zijn niet rationeel maar markten zijn wel efficiënt. De competitie in de vrije markten zorgt ervoor dat beleggers over het algemeen niet een hoger rendement kunnen verwachten zonder daarvoor meer risico te lopen.

risico-versus-rendement-color2

 

De correcte prijs van een aandeel is altijd díe prijs, waarop er een koper en een verkoper zijn (marktprijs). Alle informatie die de koers van een aandeel kan beïnvloedden wordt door beleggers gebruikt om de juiste prijs te bepalen. Wanneer er nieuwe informatie  beschikbaar komt zullen beleggers reageren.

 

Nieuws drijft beurskoersen

Het is niet te voorspellen welk aandeel het best zal presteren in de toekomst omdat de prijs gedreven wordt door nieuws dat nog niet bekend is (anders was het geen nieuws). Alleen met de krant van morgen, of liever de krant van volgend jaar zou je van market timing kunnen profiteren.

Alle informatie is verwerkt in de prijs. Prijzen veranderen direct wanneer er nieuws uitkomt. De manier waarop de belegger het nieuws interpreteert bepaalt de prijs.

nieuws wordt direct verwerkt in de prijs

 

Waarom markten efficiënt zijn

De wijsheid van grote groepen (beurs) overstijgt die van individuen en experts.  “Wisdom of crowds”, (Francis Galton 1906)

Francis Galton ontdekte op een veemarkt dat de gemiddelde schatting van de menigte altijd dichter bij het werkelijke gewicht van de stier lag dan elke schatting van welke expert dan ook. Deze theorie komt overeen met wetenschappelijke bevindingen waaruit blijkt dat beleggers, fondsmanagers, economen en analisten niet de beurs kunnen voorspellen of de best presterende beleggingen selecteren.

Deze menigte bepaald nu maar ook in de toekomst de beursprijs. Het is onmogelijk voor een individu om te voorspellen wat deze menigte in de toekomst voor prijs zal bepalen. Ook analisten en economen kunnen niet beter voorspellen welke aandelen beter zullen gaan presteren omdat ze nu ondergewaard zijn.

 

Wisdom-of-Crowds

 Stock Picking werkt niet

De implicatie van de efficiënte markt hypothese is dat het niet mogelijk is om de beste individuele beleggingen te selecteren. Alle informatie is immers al in de prijs verwerkt.

Een van de bekendste onderzoeken uit de Journal of Finance naar de prestaties van professionele beleggers is die van Professors  Barras, Scaillet & Wermers (2010) waarin zij de prestatie van 2,076 fondsmanagers over een periode van 32 jaar meten. De conclusie is dat 99.4% van deze fondsmanagers in de periode van 1975 tot 2006, geen out performance heeft geleverd. De 0.6% die wel beter hebben gepresteerd dan hun index  is statistisch gezien niet te onderscheiden van nul, oftewel te wijten aan geluk of kans.

Lees bovenstaande nogmaals…Er zijn elk jaar wel fondsmanagers te vinden die de index verslaan en die fondsmanager van het jaar worden, het probleem is dat het elk jaar anderen zijn.  Pas wanneer je naar de lange termijn resultaten van actieve fondsmanagers kijkt dan wordt duidelijk dat Stock Picking kansloos is. Van de 100 fondsen die elk jaar in de top 100 staan, zijn er gemiddeld slechts 8 die het jaar daarop weer in de top 100 staan.

fondsen blijven niet lang aan de top

 

“Properly measured, the average actively managed dollar must underperform the average passively managed dollar, net of costs. Empirical analyses that appear to refute this principle are guilty of improper measurement.”

— William Sharpe, The Arithmetic of Active Management, The Financial Analysts’ Journal Vol. 47, No. 1,. pp. 7-9, January/February 1991

 

Spreiden werkt

De gemakkelijkste manier  om risico te verminderen zonder daarvoor rendement in te leveren is door het spreiden van beleggingen over landen, sectoren, assets en titels (bedrijven). Modern Portfolio Theory” (Markowitz 1954)

 diversification

Tabel. Bovenstaande tabel illustreert mooi hoe een gespreide portefeuille het meest stabiele resultaat geeft over de jaren. Elk blokje is een verschillende asset class (aandelen, obligaties, grondstoffen enzovoort). De gespreide portefeuille  (in gijs genaamd ‘Asset Allocation’) laat een betere rendement- risico verhouding zien dan de individuele assets.

 

Door spreiding kun je profiteren van de wereld economie en zorg je ervoor dat je geen kansen mist.

wereld markt kapitalisatie

 

Asset Allocatie bepaald rendement

asset_allocation brinsonWanneer je weet welk rendement en risico bij je past dan is de is de verhouding tussen aandelen en obligaties de belangrijkste keuze die je gaat maken.

Uit verschillende studies  (Brinson, Hood,  Beebower, 1986), en (Fama & French 1992) blijkt dat de keuze in de verdeling tussen de verschillende Assets (aandelen of obligaties) veruit de grootste invloed heeft. De keuze tussen aandelen, obligaties en of alternatieve beleggingen heeft de meeste invloed op het rendement en risico

De keuze tussen de verdeling aandelen en obligaties is de belangrijkste keuze die je maakt, de keuze tussen het aandeel Total of BP heeft weinig invloed. Daarbij geldt hoe meer risico hoe meer rendement.

 

Alternatieve beleggingen presteren minder

Alternatieve beleggingen hebben historisch minder gepresteerd dan aandelen en obligaties.

Onroerendgoed presteert niet beter dan aandelen of obligaties maar kan toegevoegde waarde geven qua spreiding.

Onroerendgoed levert huur op, aandelen keren winst uit en obligaties betalen rente. Grondstoffen zoals goud, graan en olie stijgen alleen indien niet aan de vraag voldaan kan worden. Historisch gezien presteren grondstoffen slecht.

Hedgefunds, Private Equity, Venture capital etc. zijn vooral winstgevend voor de fondsen zelf, voor de eindbelegger blijft er na kosten geen goed rendement over.

Wetenschappelijk (kwantitatief) beleggen werkt

drie methoden van beleggen

 

95% van alle rendementen kan worden verklaard door 5 factoren (ook die van actieve Fondsmanagers).  (Fama & French, 1992)

  1. Richting van de Markt
  2. Size (grote of kleine aandelen)
  3. Value (Waarde of Groeiaandelen)
  4. Rating (Kwaliteit van obligaties)
  5. Duration (Looptijd van obligaties)

aandelen stijlboxObligatie stijlbox

 

 

Index beleggen presteert beter dan actief beleggen.

De index belegger presteert beter dan de actieve belegger mede door lagere kosten. De indexbelegger probeert het rendement van de markt te kopen en koopt de hele markt naar waarde. Indexbeleggen heeft als nadeel dat het meer van de grootste koopt. Een indexbelegger in Nederland belegt voornamelijk in ING en Royal Dutch Shell en belegt qua obligaties vooral in de grootste schuldenmakers.

Treemap aex

 

Small Cap Value is King

Wetenschappelijk beleggen door een overweging naar Kleine Waarde aandelen geeft een betere performance met minder risico (gemeten in koers volatiliteit. (Fama & French, 1992)

Beleggen met een overweging naar Kleine Waarde aandelen werkt. Waarde bedrijven zijn niet de beste bedrijven maar wel de beste belegging. Groei bedrijven zijn de beste bedrijven maar niet de beste beleggingen omdat beleggers de prijs hebben opgedreven.

ff factors

 

Waarde aandelen zijn dus meer risicovol maar zelfs gecorrigeerd voor risico (volatiliteit) presteren waardeaandelen beter dan groeiaandelen. Dit is in strijd met de efficiënte markt theorie welke stelt dat beleggers niet méér rendement kunnen behalen zonder daarvoor meer risico te lopen.

Kahneman en Tversky (1979, Econometrica) staan  aan de basis van de Behavioral Economics welke stelt dat mensen  niet rationeel handelen als het gaat om het nemen van financiële beslissingen.

 

Anomaliën die blijven voorkomen worden factoren

Beleggers overdrijven de hoge groeiverwachting van groei aandelen en overdrijven de lage groei van waarde aandelen. Wanneer je in waarde aandelen belegt dan profiteer je van het consistent irrationele gedrag van mensen.

Bij de ontdekking van de betere performance van waarde aandelen, dacht men aan een uitzondering, een anomalie. Al snel bleek na uitvoerige analyse dat waarde aandelen ook in andere tijden, markten, landen en continenten voor dezelfde prestaties zorgden.

Wanneer een anomalie geen uitzondering meer blijkt te zijn dan is het een factor van belang geworden waar men rekening mee kan houden. Zo zijn er in de loop der decennia verschillende anomalieën ontdekt die zo consistent en in alle markten voorkomen dat we van factoren kunnen spreken.

Een factor is alleen bruikbaar wanneer deze over lange periodes, en in verschillende markten consistent voorkomt en bovendien economisch of op ander logische wijze kan worden verklaard.

Naast de 5 factoren van Fama & French heeft de wetenschap nog vele andere factoren ontdekt die consistent betere rendementen gecorrigeerd voor risico geven. De bekendste zijn:

  • Momentum
  • Low volatility
  • Quality
  • Profitability
  • Liquidity

Niet alle factoren presteren altijd even goed net zoals obligaties soms beter presteren dan aandelen. Daarom is het verstandig om gebruik te maken van verschillende factoren zodat een slechte periode van een factor of asset class niet de performance naar beneden haalt.

Meestal presteren waarde aandelen beter maar het kan voorkomen dat er een periode is dat waarde aandelen slechter presteren dan groeiaandelen (afgelopen jaren) net zoals aandelen soms slechter presteren als obligaties.

value outperformance in time

Beleggen in laag risico obligaties werkt

Obligatie rendementen zijn afhankelijk van de looptijd en van de kredietwaardigheid van de onderliggende waarde.

Uit onderzoek blijkt dat hoog-risico obligaties (lange looptijd en lage kredietwaardigheid) relatief slechter presteren dan laag risico obligaties. Obligaties dienen ter bescherming in een beleggingsportefeuille, voor groei zijn aandelen beter geschikt.

looptijd obligatie en risico

Conclusie na 200 jaar Finance wetenschap

Houd gedrag onder controle, beleg op basis van wetenschap tegen lage kosten.

  1. Voorkom dat je in paniek op het laagste punt verkoopt door te beleggen volgens plan
  2. Markten werken en creëren waarde
  3. Hoe meer risico hoe meer rendement
  4. Prijzen volgen een willekeurig patroon en zijn niet te voorspellen (Market Timing werkt niet)
  5. Markten zijn efficiënt (aandelen selectie werkt niet)
  6. Actieve beleggers leveren geen out performance
  7. Spreiden werkt
  8. Overweeg kleine waarde aandelen voor een betere performance
  9. Beleg in laag risico obligaties
  10. Houd discipline
  11. Houd kosten laag

Actief versus Passief beleggen R.I.P.

Actief versus Passief , voor eens en voor altijd…

Maar allereerst: Alles is Actief

Passief en actief zijn eigenlijk geen goede benamingen. Beleggen is bijna altijd actief omdat je nooit de hele markt exact kunt kopen. Voorspellen versus niet voorspellen is een betere onderscheiding. Je hebt grofweg twee kampen:

  • Beleggers die geloven dat ze door hun kunde de beste beleggingen van morgen kunnen voorspellen. (in de volksmond actief beleggen)
  • Beleggers die niet geloven dat personen of experts kunnen voorspellen. (in de volksmond passief beleggen of kwantitatief beleggen)

 

1 Actief beleggen heeft als doel de markt te verslaan door te VOORSPELLEN welke individuele beleggingen het best zullen gaan presteren uit een bepaalde gelijkwaardige groep in de toekomst.

Het succes van actief beleggen hangt altijd af van een juiste voorspelling van een analist, econoom of vermogensbeheerder.

2 Passief beleggen heeft als doel het rendement van de markt of van een GROEP gelijkwaardige beleggingen te evenaren die historisch op de lange termijn goed hebben gepresteerd.

Het succes van de passieve/ of  niet voorspellende belegger hangt af van de markt.

 

 

  Werkwijze voorspellen/Actief Beleggen

1 Een Actieve belegger wil de markt verslaan door te VOORSPELLEN welke INDIVIDUELE beleggingen het best zullen gaan presteren uit een bepaalde gelijkwaardige groep door:

  1. Timing van het beste moment om in- en uit te stappen
  2. Selectie (voorspellen van best presterende Aandelen, Sector of Stijl)
  3. Voorspellen van best presterende Fondsmanager

 Werkwijze Niet voorspellen/Passief Beleggen

Een Passieve belegger probeert het rendement van de markt of van een GROEP gelijkwaardige beleggingen te EVENAREN die historisch op de lange termijn goed hebben gepresteerd.

  1.  Een Markt gewogen Index belegger koopt de totale markt naar waarde. (Voorbeeld beleggen in de SP500 Index welke 80% van de Amerikaanse markt beslaat in waarde)
  2. Een Asset belegger belegt niet in de totale markt maar verdeeld de totale markt onder naar de meest gangbare subcategorieën (Assets) en belegt voornamelijk in die subcategorieën (Assets) die historisch het best hebben gepresteerd. (Voorbeeld: Kleine Waardeaandelen zie grafiek)
  3. Een Quant, of kwantitatieve belegger die onderzoekt historische data om erachter te komen welke kenmerken van beleggingen de beste prestaties geven en belegt daar vervolgens in met de verwachting dat deze kenmerken ook in de toekomst de beste prestaties zullen geven. (Voorbeeld: beleggen in waarde aandelen die winst maken en 5 jaar een groei in omzet hebben laten zien) Echter zonder te voorspellen. Wel actief maar niet door gebruik van voorspellen.

De 3 methoden van actieve beleggers nader bekeken

 1 Market timing (Voorspellen van de richting van de markt)

  •  Voorspellen wanneer de beurs gaat stijgen of dalen blijkt niet mogelijk. Uit onderzoek blijkt dat experts zoals analisten, economen, tv guru’s en fondsmanagers gemiddeld de helft goed voorspellen, net zo goed als kop of munt.
  • Omdat de grootste rendementen in slechts enkele beursdagen worden gerealiseerd moet een actieve belegger vaker dan 70% keer juist voorspellen om te kunnen profiteren van Market Timing.
  • De beurs voorspelt de economie en niet andersom, zelfs wanneer een econoom de economische ontwikkelingen goed zou voorspellen dan nog is dit van beperkte of geen waarde. Ook hebben Economen de crisis ook niet kunnen voorspellen.

 

2 Voorspellen van beste Aandelen, beste sector en beste landen:

  •  Uit onderzoek blijkt dat 95% van beleggingsrendementen worden bepaald door vijf factoren of verschillende assets waarin wordt belegt. (Markt, Waardering, Marktwaarde voor aandelen en kredietwaardigheid en looptijd voor obligaties).
  • Onderzoek wijst uit dat actieve beleggers gecorrigeerd voor die 5 factoren geen out performance kunnen maken door te voorspellen welke individuele beleggingen het best zullen gaan presteren.
  • De actieve beleggers die op de lange termijn een out performance hebben gemaakt zijn in aantal zo klein 1% over 30 jaar dat het statistisch gezien is toe te schrijven aan geluk.
  • Aandelen analisten bieden geen toegevoegde waarde qua rendement bij het selecteren van aandelen.

 

3 Voorspellen van de beste fondsmanager

  •  Voorspellen welke fondsmanager het best zal gaan presteren is onmogelijk gebleken.
  • Recente en goede prestaties van fondsen, voorspellen geen voortzetting van deze goede prestaties in de toekomst.
  • De kans dat je op de lange termijn actieve beleggingsfondsen kiest die beter presteren dan een Index fonds zijn lager ( 1 op 50) dan de kans op winnen bij het spelen van roulette op één nummer.
  • Zie in onderstaande tabel de kans op het verslaan van de index.  Deze is op de lange termijn 1 op 100.

rick ferri kans op selecteren van fondsen

 

Nadelen van voorspellen of Actief beleggen 

  • Slechte prestaties
  • Weinig kans van slagen (bijna nul)
  • Hoge kosten
  • Veel actie, transacties en onderhoud nodig
  • Kan veel stress opleveren door continue twijfelen of je de goede keuze gemaakt hebt.
  • De spanning van actief beleggen staat haaks op de rust die een vermogensplan geeft.
  • Fondsmanagers hebben geen Stock Picking Skill. Over een periode van 30 jaar is de kans op een betere prestatie dan de index kansloos. (zie hier een samenvatting van wetenschappelijk onderzoek over prestaties van Stock Picking in beleggingsfondsen)

 

Prestaties Actief beleggen gebaseerd op voorspellen zijn ronduit slecht

De discussie Actief versus Passief is allang geen discussie meer onder ingewijden. Gecorrigeerd voor risico zijn actieve beleggers niet in staat om een out performance te maken door te voorspellen.

De Alfa (rendement bovenop het marktrendement) van actieve beleggers is helaas negatief. De prestaties van actieve fondsmanagers zijn ongehoord slecht.

Op de lange termijn is het aantal actieve fondsmanagers dat zijn benchmark kan verslaan (positieve Alfa) rond de 2% (1 op 50) wat minder is dan het aantal fondsen dat eigenlijk door puur toeval een out performance zouden moeten leveren.

Zie hieronder de kans op succes van het beleggen in beleggingsfondsen over 30 jaar. Merk op dat 52% is opgeheven vanwege slechte prestaties.

kansen van beleggingsfondsen over 30 jaar

 

 Voordelen:

  •  Er zijn eigenlijk alleen maar voordelen voor de beleggingsindustrie zelf doordat zij hun boterham kunnen blijven verdienen.

 

Ja maar Buffet dan?

Wanneer je de performance van Buffet gaat onderzoeken dan is ook zijn prestatie te verklaren door een aantal factoren.

Quote uit het Financieel Dagblad van 16 oktober 2012. “Een geweldig talent voor ‘stockpicking’, het kiezen van de juiste aandelen, is de intuïtieve verklaring voor Buffetts toprendementen. Maar een wetenschappelijke studie naar het succes van de meesterbelegger, eerder deze maand ook besproken in het Britse weekblad The Economist, wijst uit dat de prestaties drijven op meer dan verstandige beurskeuzen.”artikel van het FD

Buffet heeft met actief beleggen zijn kapitaal heeft vergaard, maar hij is geen tegenstander van indexbeleggen. Integendeel, een van zijn meest beroemde uitspraken: ‘Most investors, both institutional and individual, will find that the best way to own common stocks is through an index fund that charges minimal fees’.

 

De oplossing

Niet voorspellen (is niet per definitie passief): Kies een beleggingsmethode waarbij GEEN VOORSPELLINGEN gedaan worden door mensen. (analisten, economen en beleggingsadviseurs)

  • Indexbeleggen of  kwantitatief beleggen (factor belegger, asset beleggen)

Waarom?

  • Beste prestaties
  • Grootste kans van slagen
  • Lage kosten
  • Weinig transacties en onderhoud nodig
  • Geen stress door systematische gedisciplineerde aanpak
  • Meer tijd over
  • Gebaseerd op wetenschap
  • De prestaties van passieve beleggers zijn gelijk aan hun index minus kosten van het kopen van die index.

 

 

De grootste verschillen tussen Actief en Passief of liever voorspellers en niet voorspellers:

Lees hieronder Actief = Voorspellen

  • De Actieve belegger bepaald zijn keuze per definitie op basis van voorspellingen, de Passieve belegger baseert zijn keuze per definitie op basis van lange termijn historische data.
  • De Actieve belegger zoekt de beste Individuele belegging, de Passieve belegger zoekt de beste groep beleggingen.
  • Het rendement van de Actieve belegger is afhankelijk van de kunde van de belegger, het rendement van de Passieve belegger is afhankelijk van de prestaties van dat deel van de markt waarin hij belegt.
  • Een Actieve belegger evalueert continue of hij van aandeel, sector, land of moet wisselen, of dat hij totaal uit de markt moet stappen. Een passieve belegger stelt van te voren een portefeuille op met een gewenst risico- rendementsprofiel en herbalanceert deze slechts wanneer deze uit balans is.
  • Een actieve belegger houdt continue de ontwikkelingen op de markten in de gaten om te bepalen of hij iets aan zijn portefeuille moet veranderen. Een passieve belegger blijft systematisch en gedisciplineerd belegd volgens zijn lange termijn plan.
  • Een actieve belegger heeft doorgaans te maken met hogere kosten van actief management en frequent wisselen van posities. Een passieve belegger heeft lage management kosten en lage handelsactiviteit.
  • De keuze van een actieve belegger is altijd gebaseerd op een kwalitatieve (subjectief/ niet meetbare) inschatting van een econoom, analist, fondsmanager of de belegger zelf. De keuze van een passieve belegger is altijd gebaseerd op kwantitatieve (meetbare/ objectief) feiten gebaseerd op historische data of wetenschappelijk onderzoek.
  • Een passieve belegger in Kleine Waardeaandelen probeert het rendement (Beta) van Kleine Waardeaandelen te evenaren. Een actieve belegger in Kleine Waardeaandelen probeert hét beste of de 5 beste Kleine Waardeaandeel te selecteren om daarmee een rendement hoger dan het gemiddelde van die groep Kleine Waardeaandelen behalen (Alfa). Een kwantitatieve belegger (ook passief) probeert Kleine Waardeaandelen te vinden die beter presteren dan het gemiddelde, door bijvoorbeeld alleen aandelen te selecteren van Kleine Waardeaandelen van bedrijven die winst maken.
  • Een kwantitatieve belegger zal historische data testen om te kijken of Kleine aandelen die winst maken statistisch beter presteren over langere perioden dan Kleine Waarde aandelen die geen winst maken. Dit is een simpel voorbeeld van kwantitatief beleggen wat ook onder passief beleggen valt.

 Conclusie

De hele discussie tussen actief en passief beleggen is dan terug te brengen op de vraag:

  1. Zijn er beleggers die consistent een beter rendement kunnen behalen doordat zij met hun speciale vaardigheden de beste beleggingen van morgen kunnen selecteren? Voorspellen?
  2. Zo ja, hoe kunnen we die vinden? Zo nee, beleg passief of kwantiatief.

Uit resultaten en wetenschappelijk onderzoek blijkt dat het aantal zo klein is dat dit niet is te onderscheiden van geluk. Dit betekent dat de kansen op het verslaan van de markt met actief beleggen vrijwel nihil is.

Er zijn dus wel fondsen of beleggers met out performance maar dat aantal is zo klein dat hun out performance net zo goed toeval zou kunnen zijn.

Er zijn geen bewezen manieren om deze toevalstreffers te kunnen selecteren behalve dan per toeval.